De wolkenridder

Ik ga naar Vlissingen voor een wandeling. Een groep dames uit West Brabant brengt een bezoek aan het MuZeeum, de Kazematten en de molen en tussendoor wordt er gewandeld. In het MuZEEum drink ik nog een kopje thee. Op het daklicht in de keuken klettert de regen, dat belooft niet veel goeds. Beneden in de receptie wacht de groep. Of we meteen naar de Kazematten kunnen, het regent hard en iedereen wordt kletsnat. Dat is niet de bedoeling. Ik beloof rechtstreeks naar de Kazematten te gaan en dan zien we wel verder. De groep maakt zich op om te vertrekken en ik loop vast naar buiten. Buiten kijk ik naar de wolken, mompel enkele toverspreuken en hoop er verder het beste van. Die toverspreuk is overigens wel bekend: “tot hier en niet verder, wat er nu valt valt en daar blijft het bij”. Probeer het maar eens. Ik haal de groep op en ga met ze naar buiten. Het is droog. Ik zeg er niets van maar ik voel me weer eventjes de wolkenridder, heer en meester van het zwerk. Het belooft een mooie zomer te worden in Vlissingen, ik heb er aardig wat boekingen staan.

Ton Thiebosch