Wandelen in Roosendaal

Op zondag een housewarming in Roosendaal. OV-fietsen staan veilig achter slot en grendel en de bemenste fietsenstalling is ontmenst. Met de stadsbus doet Roosendaal net of het een wereldstad is. Een korte rit naar een buitenwijk betekent overstappen met een overstaptijd van een minuut. Is de bus te laat; één uur wachttijd. Op Malta is het openbaar vervoer beter geregeld. We gaan te voet, een wandeling door een vreemde stad is altijd weer bijzonder. De gids in mij rekent op mooie gebouwen en pleinen, leuke doorkijkjes en misschien wel een spontane anekdote. Niets van dat al. Een mooi station, ooit een gateway to Europe. Een station waar mannen met grote dienbladen met koffie en thee langs de trein liepen hun handelswaar luidruchtig aankondigend. Verder vind je rond het station vooral verwaarloosde panden (gesloten coffeeshops) en dichtgetimmerde bedrijven. Op plaatsen waar nieuw is gebouwd is vooral geprobeerd dat zo lelijk mogelijk te doen. Het lijkt er op dat hier nergens aandacht aan is besteed. Wel je straat “Boulevard” als naam meegeven. Toch een anekdote. In een van de huizen aan de Boulevard heb ik ooit als kleine jongen gelogeerd. Mijn oom en tante woonden daar. Achter het huis was een park waar een doolhof was. Dat was spannend. En in de tuin leerde ik croquet spelen. En als ik daar logeerde gingen we met de trein naar Antwerpen. Behalve die ene keer dat de trein plotseling de andere kant op reed en we in Oudenbosch uitkwamen. Oudenbosch van de nagebouwde St. Pieter en St. Jan van Lateranen. Ik geloof dat dat toch nog steeds mooier is dan Roosendaal nu.

Ton Thiebosch
Gids